ECLI:NL:RVS:2022:1152
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.H.M. van Altena
- E.J. Daalder
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing omgevingsvergunning voor legalisatie veldschuur met persoonsgebonden overgangsrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Deurne verleende een omgevingsvergunning voor het bouwen van een veldschuur op een perceel te Liessel, waar een zonder vergunning in 1956 gebouwde veldschuur staat die door de vergunninghouder en zijn echtgenote als woning wordt gebruikt. Het bestemmingsplan bevat persoonsgebonden overgangsrecht waardoor de huidige bewoners de veldschuur legaal mogen bewonen, maar een bouwvergunning voor de veldschuur is nooit verleend.
De wederpartij vroeg handhaving tegen de illegale bewoning, wat het college aanvankelijk niet deed omdat het een vergunning verleende. De rechtbank oordeelde dat het gebruik als woning in strijd is met het bestemmingsplan en vernietigde het besluit. Het college stelde het bezwaar van de wederpartij alsnog gegrond en weigerde de vergunning, maar de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt dit besluit omdat het college de aanvraag niet als planologisch strijdig heeft aangemerkt en niet heeft beoordeeld of een afwijkingsvergunning mogelijk is.
De Afdeling bevestigt dat het gebruik als woning strijdig is met de bestemming 'Agrarisch - 3' en dat het persoonsgebonden overgangsrecht de strijdigheid niet opheft. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven echter in stand zolang de huidige bewoners gebruik maken van het overgangsrecht. Het college moet alsnog op de aanvraag beslissen met inachtneming van de uitgebreide voorbereidingsprocedure. De Afdeling roept partijen op tot overleg of mediation om het geschil te beëindigen.
Proceskosten worden door het college gedragen en het griffierecht wordt geheven. De uitspraak is gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 20 april 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard, het besluit tot weigering van de vergunning wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand zolang de huidige bewoners gebruik maken van het overgangsrecht.