ECLI:NL:RVS:2022:1537
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielprocedure
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 23 december 2020 het verzoek van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het daarop ingestelde beroep door de vreemdeling op 2 mei 2022 ongegrond. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet uitgezet mag worden voordat op het hoger beroep is beslist en dat hij recht heeft op opvang en verstrekkingen gedurende deze periode. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die de vreemdeling heeft gemaakt voor de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.Th. Drop, waarbij griffier D.I. van Kesteren aanwezig was. De voorzieningenrechter was verhinderd de uitspraak te ondertekenen. De uitspraak werd op 31 mei 2022 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.