ECLI:NL:RVS:2022:2140
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen gedoogplicht aanleg hoogspanningsverbinding
De minister van Infrastructuur en Waterstaat legde op 19 juli 2021 op verzoek van TenneT TSO B.V. aan rechthebbenden, waaronder verzoeker, een plicht op tot het gedogen van de aanleg en instandhouding van de hoogspanningsverbinding Zuid-West 380kV-West-Borssele-Rilland op hun percelen. Verzoeker, eigenaar van percelen in Kruiningen, vreesde dat de werkzaamheden zijn biologisch-dynamisch landbouwbedrijf zouden schaden door mogelijke vervuiling en contaminatie, wat zijn Skal-certificering in gevaar zou brengen.
Na een eerdere afwijzing van een voorlopige voorziening in november 2021, diende verzoeker een nieuw verzoek in wegens vermeende niet-naleving door TenneT van toezeggingen over schoon materieel en toezicht. De voorzieningenrechter stelde vast dat TenneT een toezichthouder en poortwachter heeft aangewezen en aanvullende maatregelen zoals vijverfolie en rijplaten toepast om vervuiling te voorkomen. Hoewel niet alle afspraken altijd strikt worden nageleefd en communicatie verbeterd kan worden, achtte de rechter onvoldoende gronden voor een dwangsom of voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter weegt het belang van een betrouwbaar elektriciteitsnet, de wettelijke verplichtingen van TenneT en het belang van andere grondeigenaren zwaarder dan het belang van verzoeker. Er is geen bewijs van daadwerkelijke contaminatie of verlies van certificering. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de gedoogplicht voor aanleg hoogspanningsverbinding wordt afgewezen.