ECLI:NL:RVS:2022:2967
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen gedoogplicht aanleg hoogspanningsverbinding
De minister heeft op verzoek van TenneT TSO B.V. een besluit genomen op grond van de Belemmeringenwet Privaatrecht om de aanleg en instandhouding van de hoogspanningsverbinding Zuid-West 380kV-West-Borssele-Rilland te gedogen op de percelen van verzoeker. Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd om de werkzaamheden op zijn percelen stil te leggen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang omdat de werkzaamheden reeds zijn begonnen en nog voortduren. Verzoeker stelt dat TenneT zich niet houdt aan afspraken over het gebruik van schoon materieel en controle daarvan, waardoor risico op contaminatie van zijn landbouwgronden ontstaat. TenneT heeft maatregelen getroffen zoals het aanstellen van een toezichthouder en het gebruik van vijverfolie en rijplaten.
De voorzieningenrechter concludeert dat het risico op contaminatie bij naleving van de afspraken beperkt blijft en dat de door verzoeker aangevoerde overtredingen onvoldoende aannemelijk zijn om de voorlopige voorziening toe te wijzen. Het belang van een betrouwbaar elektriciteitsnet en voortgang van het project weegt zwaarder dan het belang van verzoeker. Het verzoek wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het gedoogbesluit voor de aanleg van de hoogspanningsverbinding wordt afgewezen.