ECLI:NL:RVS:2022:311
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging Wnb-vergunning en ontgrondingsvergunning wegens strijd met rechtszekerheid en herstel gebreken
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 2 februari 2022 uitspraak gedaan in het geschil tussen Stichting Behoud Brunssummerheide en Bewonerscollectief BuurSibelco tegen het college van gedeputeerde staten van Limburg. De zaak betrof de Wnb-vergunning en ontgrondingsvergunning verleend op 18 december 2018, die in een eerdere tussenuitspraak van 21 oktober 2020 waren teruggewezen wegens gebreken en strijd met rechtszekerheid.
Het college werd opgedragen de gebreken in de vergunningen te herstellen en een gewijzigd besluit te nemen. Het college nam op 12 januari 2021 een herstelbesluit, dat door de Afdeling werd beoordeeld. De stichting en het bewonerscollectief voerden diverse beroepsgronden aan, waaronder onduidelijkheden in de voorschriften, strijd met Europese rechtspraak en het ontbreken van actuele normen.
De Afdeling oordeelde dat het oorspronkelijke besluit van 18 december 2018 in strijd was met artikel 2.8, derde lid, van de Wnb en het rechtszekerheidsbeginsel, en vernietigde dit besluit. Het herstelbesluit van 12 januari 2021 werd echter geacht rechtsgeldig te zijn genomen en bleef in stand. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit werden gehandhaafd omdat het college aannemelijk had gemaakt dat het project geen aantasting van Natura 2000-gebieden veroorzaakt.
Daarnaast werd de ontgrondingsvergunning vernietigd wegens een onduidelijke passage in de voorschriften, die door de Afdeling zelf werd aangepast. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan de stichting en het bewonerscollectief.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de Wnb-vergunning en ontgrondingsvergunning van 18 december 2018 wordt vernietigd, het herstelbesluit van 12 januari 2021 blijft in stand, en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.