ECLI:NL:RVS:2022:3969
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestemmingsplan Bedrijventerrein De Veken 4 deels vernietigd wegens onvoldoende motivering en onduidelijke planregels
De raad van de gemeente Opmeer stelde op 17 februari 2022 het bestemmingsplan Bedrijventerrein De Veken 4 vast, waarmee de eerste fase van de uitbreiding van het bedrijventerrein mogelijk werd gemaakt. Diverse eigenaren van recreatiewoningen op het nabijgelegen recreatiepark West-Friesland en andere belanghebbenden maakten bezwaar tegen het plan vanwege de aantasting van het recreatieve karakter en het verblijfsklimaat.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het beroep van een appellant niet-ontvankelijk was wegens te late indiening. Het beroep van twee anderen tegen de vestiging van een nieuw tankstation werd ongegrond verklaard, mede omdat het vertrouwensbeginsel niet kon worden toegepast en de ladder voor duurzame verstedelijking niet was geschonden.
De Afdeling stelde echter vast dat de raad onvoldoende had gemotiveerd waarom het recreatiepark nagenoeg geheel omsloten wordt door bedrijventerreinen en waarom alternatieve locaties niet geschikt waren. Ook waren planregels onduidelijk over de reikwijdte van afwijkingsbevoegdheden en verwezen zij onjuist naar wettelijke bepalingen. De Afdeling droeg de raad op deze gebreken binnen 12 weken te herstellen, waarmee de procedure wordt voortgezet.
Uitkomst: Het beroep van een appellant is niet-ontvankelijk, het beroep van twee anderen ongegrond verklaard, en de raad opgedragen gebreken in het bestemmingsplan binnen 12 weken te herstellen.