ECLI:NL:RVS:2022:962
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schadevergoeding na inschrijving specialisatie vertaler strafzaken
Appellant verzocht aanvankelijk om vermelding van de specialisatie 'vertaler in strafzaken' bij zijn inschrijving in het Register beëdigde tolken en vertalers, maar dit verzoek werd door de minister afgewezen. Na bezwaar en beroep werd het verzoek uiteindelijk alsnog ingewilligd door de minister op 7 juli 2021, waarna appellant zijn hogerberoepsgronden introk, behoudens zijn verzoek om schadevergoeding.
Appellant vorderde vergoeding van griffierechten, reiskosten en reputatieschade. De minister stemde in met vergoeding van de griffiekosten en reiskosten à €1.318,00. De Raad van State oordeelde dat de reputatieschade niet voor vergoeding in aanmerking komt, omdat appellant onvoldoende heeft toegelicht dat deze schade het gevolg is van onrechtmatig handelen van de minister.
Verder werd het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn afgewezen, omdat de totale procedure nog binnen de redelijke termijn van vier jaar viel. De eerdere uitspraak van de rechtbank bleef daarmee in stand en de verzoeken om schadevergoeding werden afgewezen.
Uitkomst: Verzoeken om schadevergoeding afgewezen behalve vergoeding van griffiekosten en reiskosten.