ECLI:NL:RVS:2023:1151
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over tijdelijke omgevingsvergunning plattelandswoning bij intensieve veehouderij
Het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas verleende op 3 december 2018 een omgevingsvergunning voor het tijdelijk gebruik van een bedrijfswoning als plattelandswoning, ondanks strijd met het bestemmingsplan. Appellante, exploitant van een intensieve vleeskalverhouderij, maakte bezwaar vanwege belemmering van haar bedrijfsvoering door geur- en geluidsoverlast. De rechtbank vernietigde het besluit wegens motiveringsgebrek maar liet de rechtsgevolgen in stand, wat tot hoger beroep leidde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college onvoldoende rekening hield met de maximale planologische mogelijkheden van het bedrijf bij de beoordeling van geur- en geluidbelasting, wat strijdig is met de Structuurvisie en het toetsingskader voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Ook werd onvoldoende inzicht gegeven in fijnstofbelasting en werd de toetsing aan het endotoxinekader terecht niet verplicht geacht.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen in stand hield en bepaalde dat het college een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen.