ECLI:NL:RVS:2023:190
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot openbaarmaking documenten over rijksbijdragen tweede volgtijdige studies UvA
Appellante verzocht het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam om op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) documenten openbaar te maken over de rijksbijdragen die de UvA ontving voor de diplomering van tweede volgtijdige studies. Het college wees dit verzoek af, waarna ook het bezwaar en het beroep bij de rechtbank ongegrond werden verklaard.
In hoger beroep betoogde appellante onder meer dat zij ten onrechte niet door een onafhankelijke geschillenadviescommissie was gehoord, dat de rechtbank de zaak niet via videoverbinding had mogen behandelen en dat het college over meer documenten moest beschikken. De Afdeling oordeelde dat het horen overeenkomstig de Algemene wet bestuursrecht was verlopen, dat de zitting via videoverbinding rechtmatig was en dat het verzoek correct was afgebakend.
Het college had voldoende onderzoek gedaan en gesteld dat de gevraagde informatie niet in bestaande documenten of databases aanwezig was, omdat de diplomering van tweede voltijdige studies niet wordt bekostigd. Appellante kon dit niet aannemelijk maken. De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het Wob-verzoek bevestigd.