ECLI:NL:RVS:2023:2271
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 2 januari 2023 een besluit om de asielaanvraag van de vreemdeling niet in behandeling te nemen, omdat Italië volgens hem op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk was voor de behandeling. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en voerde aan dat de Italiaanse 'circular letter' slechts een tijdelijk overdrachtsbeletsel vormt en dat Italië nog steeds verantwoordelijk is. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog echter dat uit eerdere uitspraken en berichtgeving blijkt dat Italië geen opvangfaciliteiten heeft voor Dublinclaimanten, waardoor een reëel risico bestaat op ernstige materiële deprivatie.
De staatssecretaris slaagde er niet in dit vermoeden te weerleggen en mocht daarom niet van het interstatelijk vertrouwensbeginsel uitgaan. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.