ECLI:NL:RVS:2023:2305
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen niet-behandeling asielaanvraag na intrekking besluit
De vreemdeling had bij besluit van 18 januari 2023 een aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, die door de staatssecretaris niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State.
Tijdens de procedure trok de staatssecretaris het eerdere besluit in en nam de asielaanvraag alsnog in behandeling, omdat de overdrachtstermijn van artikel 29, eerste lid, van de Dublinverordening was verstreken. Hierdoor had de vreemdeling feitelijk bereikt wat hij met zijn hoger beroep beoogde.
De Raad van State oordeelde dat de vreemdeling daardoor geen belang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Tevens werd geoordeeld dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden, conform eerdere jurisprudentie.
Het vonnis werd uitgesproken door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 14 juni 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat de asielaanvraag alsnog in behandeling is genomen.