ECLI:NL:RVS:2023:2359
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid verblijfsvergunning asiel en afwijzing voorlopige voorziening
Bij besluit van 3 maart 2023 verklaarde de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die bij uitspraak van 22 mei 2023 het beroep ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen gronden bevatte die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, en nam de motivering van de rechtbank over.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De staatssecretaris werd niet veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. Hiermee is de niet-ontvankelijkheid van de aanvraag definitief vastgesteld.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.