ECLI:NL:RVS:2023:2392
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.C.W. Lange
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens illegale tewerkstelling kennismigranten zonder erkenning referent
In deze zaak gaat het om een boete van €10.000 die de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid oplegde aan [appellante] wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). [appellante] had vijf kennismigranten tewerkgesteld in een periode waarin zij niet beschikte over de vereiste erkenning als referent. Na ontdekking van deze situatie heeft zij de kennismigranten tijdelijk bij een erkend payrollbedrijf ondergebracht en een aanvraag tot erkenning ingediend.
De rechtbank verklaarde het beroep van [appellante] ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt anders. De Afdeling stelt vast dat de overtreding het gevolg was van een interne herstructurering en administratieve verwarring, waarbij de erkenning als referent niet tijdig werd aangevraagd. [appellante] heeft de overtreding zelf gemeld en snel beëindigd.
De Afdeling overweegt dat de ernst van de overtreding door deze omstandigheden aanzienlijk wordt gerelativeerd en dat de staatssecretaris de verblijfsvergunningen van de kennismigranten niet heeft ingetrokken. Bovendien acht de Afdeling het opleggen van een boete in deze situatie onevenredig en vernietigt het boetebesluit en de eerdere uitspraak van de rechtbank. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het boetebesluit van €10.000 wordt vernietigd en geen boete wordt opgelegd wegens onevenredigheid.