ECLI:NL:RVS:2023:2474
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 11 april 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 8 juni 2023 het beroep ongegrond verklaarde. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op 28 juni 2023 beslist dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist. Tevens is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die geheel toerekenbaar zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Deze voorlopige voorziening is gebaseerd op artikel 8:81 en Pro 8:83 van de Algemene wet bestuursrecht en volgt eerdere jurisprudentie van de Raad van State. De beslissing beschermt de vreemdeling tegen uitzetting tijdens de procedure en waarborgt zijn recht op opvang en verstrekkingen gedurende deze periode.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.