ECLI:NL:RVS:2023:2588
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- G.T.J.M. Jurgens
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontheffingen voor werkzaamheden en halfverharding Circuit Park Zandvoort ondanks milieubezwaar
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland verleende ontheffingen aan Exploitatie Circuit Park Zandvoort B.V. voor werkzaamheden en het aanbrengen van halfverharding op het circuitterrein, noodzakelijk voor het organiseren van het Formule 1 Dutch Grand Prix evenement. Diverse milieuorganisaties maakten bezwaar tegen deze besluiten vanwege de mogelijke negatieve effecten op beschermde diersoorten, met name de rugstreeppad en de zandhagedis.
De rechtbank Noord-Holland verklaarde de beroepen van deze organisaties ongegrond en bevestigde dat het college de ontheffingen terecht had verleend omdat voldaan was aan de wettelijke voorwaarden: geen andere bevredigende oplossing, dwingende redenen van groot openbaar belang en geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soorten. De milieuorganisaties stelden hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog uitgebreid de noodzaak van de werkzaamheden en halfverharding, de omvang van het evenement en de sociaal-economische belangen. Ook werd ingegaan op alternatieve technische oplossingen en de ecologische effecten. De Afdeling concludeerde dat het college voldoende had gemotiveerd dat er geen alternatieven waren, dat het F1-evenement een groot openbaar belang dient en dat de negatieve effecten op de beschermde soorten beperkt en tijdelijk zijn. De aanleg van reservaatgebieden en voorzorgsmaatregelen waarborgen de gunstige staat van instandhouding.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraken van de rechtbank. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de ontheffingen voor werkzaamheden en halfverharding op Circuit Park Zandvoort en verklaart het hoger beroep ongegrond.