ECLI:NL:RVS:2020:1160
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vergunning en ontheffing voor uitbreiding windpark Delfzijl Zuid afgewezen na beroep
Het college van gedeputeerde staten van Groningen verleende op 6 juli 2018 een vergunning en soortenbeschermingsontheffing voor de bouw en exploitatie van zestien windturbines in het windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding. Stichting Oldambt Windmolenvrij.nl en andere appellanten stelden beroep in tegen dit besluit. De Raad van State behandelde het beroep en oordeelde eerst over de ontvankelijkheid. Een aantal natuurlijke personen en verenigingen werd niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang, met name vanwege de afstand tot het windpark en Natura 2000-gebied. De stichtingen Oldambt Windmolenvrij.nl en Landschap Oldambt werden wel ontvankelijk verklaard.
Inhoudelijk oordeelde de Afdeling dat het besluit zorgvuldig was voorbereid, dat de passende beoordeling de effecten op Natura 2000-gebied Waddenzee en beschermde vogel- en vleermuissoorten adequaat had onderzocht, en dat het 1% mortaliteit-criterium en aanvullende modellen juist waren toegepast. De cumulatieve effecten van het windpark met andere projecten waren voldoende onderzocht en onderbouwd. De stilstandvoorziening voor vleermuizen werd als effectief beoordeeld. Het college had ook voldoende gemotiveerd dat geen andere bevredigende oplossingen voor duurzame energieopwekking beschikbaar waren.
De Raad van State verklaarde het beroep voor zover ontvankelijk ongegrond en verwierp de bezwaren tegen de vergunning en ontheffing. Het beroep werd niet-ontvankelijk verklaard voor een aantal appellanten. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond verklaard; de vergunning en ontheffing blijven van kracht.