ECLI:NL:RVS:2023:2759
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 17 mei 2023 niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 3 juli 2023 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen en opvang en verstrekkingen te verkrijgen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het hoger beroep nader onderzoek vereist, mede gelet op een recent arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 30 maart 2023 (ECLI:EU:C:2023:272). De procedure voor de voorlopige voorziening is daarvoor niet geschikt, maar gelet op de omstandigheden werd besloten een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Daarnaast werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden, omdat reeds bij een eerdere ordemaatregel de proceskostenveroordeling was uitgesproken. De uitspraak werd gedaan op 19 juli 2023 door voorzieningenrechter M. Soffers.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep tegen de afwijzing van zijn verblijfsvergunning is beslist.