ECLI:NL:RVS:2023:3251
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B. Meijer
- J.M. Willems
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid afwijzing verblijfsvergunning wegens gevaar voor openbare orde
De vreemdeling uit Somalië verblijft al meer dan vijftien jaar onrechtmatig in Nederland en heeft meerdere strafrechtelijke veroordelingen, waaronder poging tot doodslag. Hij vroeg om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'medische behandeling', welke door de staatssecretaris werd afgewezen vanwege een gevaar voor de openbare orde. Wel werd uitstel van vertrek verleend vanwege zijn medische situatie.
De rechtbank had geoordeeld dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat de afwijzing evenredig was, mede omdat het onduidelijk was of medische behandeling in Somalië mogelijk was en omdat de vreemdeling mogelijk langdurig in Nederland zou blijven. De Raad van State vernietigt dit oordeel en stelt dat de staatssecretaris terecht de strafbare feiten heeft meegewogen en dat het herhaaldelijk verlenen van uitstel van vertrek geen grond is voor het verlenen van een verblijfsvergunning.
Verder oordeelt de Raad dat het belang van de openbare orde zwaarder weegt dan het privéleven van de vreemdeling, ondanks zijn medische situatie en langdurig verblijf. Ook is geen sprake van een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Somalië. Het beroep van de vreemdeling wordt daarom ongegrond verklaard.
De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd.