ECLI:NL:RVS:2023:3639
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake proceskosten bij bewaring vreemdeling
Bij besluit van 21 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 11 september 2023 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hij klaagde terecht dat de rechtbank ten onrechte geen proceskostenvergoeding aan hem toekende, ondanks dat de ophouding op een verkeerde grondslag was gebaseerd. De Afdeling oordeelde dat dit deel van de klacht slaagt en vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover het de proceskostenvergoeding betreft.
De Afdeling bevestigde het overige oordeel van de rechtbank en zag geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van zowel het eerste beroep als het hoger beroep, begroot op € 2.511,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling in verband met het beroep en hoger beroep.