ECLI:NL:RVS:2023:3697
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- H. Benek
- J.C.A. de Poorter
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep burgemeester inzake kosten bestuursdwang inbeslagname hond
In deze zaak staat het hoger beroep van de burgemeester van Assen centraal tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland over de kosten van bestuursdwang, bestaande uit de inbeslagname en bewaring van de hond Renzo van appellant sub 2.
De hond werd op 28 augustus 2018 in beslag genomen na meerdere bijtincidenten. Het college stelde de kosten van bestuursdwang vast en bracht deze in rekening bij appellant sub 2. De rechtbank stelde het te verhalen bedrag vast op € 3.298,66 en vernietigde het eerdere besluit van het college. De burgemeester stelde vervolgens hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de burgemeester geen belanghebbende is bij het besluit over de kosten van bestuursdwang, omdat deze bevoegdheid en het belang bij het kostenverhaal bij het college lagen ten tijde van het besluit. De bevoegdheid tot het opleggen van maatregelen aan gevaarlijke honden is pas na afloop van de beroepstermijn aan de burgemeester overgedragen. Daarom stond het hoger beroep van de burgemeester niet open.
Daarnaast kan het college het hoger beroep niet overnemen, omdat de burgemeester het hoger beroep zelfstandig heeft ingesteld en een partijwisseling na afloop van de beroepstermijn in beginsel is uitgesloten. Het hoger beroep van de burgemeester wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van appellant sub 2 vervalt.
Uitkomst: Het hoger beroep van de burgemeester van Assen wordt niet-ontvankelijk verklaard.