ECLI:NL:RVS:2023:855
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over weigering Drank- en Horecavergunning Club Rodenburg
Bronko, eigenaar van Club Rodenburg, kreeg de Drank- en Horecavergunning geweigerd door de burgemeester van West Betuwe vanwege eerdere sluiting van de club op grond van artikel 13b van de Opiumwet en gerelateerde incidenten. De rechtbank verklaarde het bezwaar van Bronko gegrond en vernietigde het besluit van de burgemeester.
De burgemeester ging in hoger beroep en stelde dat de leidinggevenden van Bronko verwijt treft van de sluiting, onderbouwd met politie-rapportages waaruit blijkt dat er stelselmatig drugsgebruik en drugshandel in de club plaatsvond, en dat de leidinggevenden en beveiligers dit tolereerden zonder voldoende maatregelen te nemen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het vermoeden van verwijt van de leidinggevenden terecht is en dat Bronko onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat dit niet het geval is. De rechtbank had een onjuiste rechtsopvatting door te stellen dat de burgemeester niet concreet had toegelicht waarin Bronko tekort was geschoten. Het hoger beroep van de burgemeester wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van Bronko ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Bronko wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Drank- en Horecavergunning bevestigd.