ECLI:NL:RVS:2024:1057
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitschrijving uit Basisregistratie Personen wegens onvoldoende bewijs woonadres
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam schreef appellante en haar twee kinderen per 4 januari 2021 uit de Basisregistratie Personen uit, omdat het adres waar zij stonden ingeschreven niet hun woonadres zou zijn. Dit besluit werd bevestigd na bezwaar en door de rechtbank Rotterdam.
Appellante stelde in hoger beroep dat het college onvoldoende rekening had gehouden met haar aangeleverde bewijsstukken en haar verklaring, die aantoonden dat zij wel degelijk op het adres woonde. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college ten onrechte had geconcludeerd dat appellante niet op het adres woonde. Het lage energieverbruik en pintransacties in Hoofddorp konden niet zonder meer leiden tot uitschrijving. Ook het vermoeden dat zij bij haar echtgenoot woonde kon niet worden bevestigd.
De Afdeling vernietigde het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank en herroept het besluit van 5 maart 2021. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit.
Uitkomst: Het besluit tot uitschrijving uit de BRP wordt vernietigd en herroepen; appellante wordt weer ingeschreven op het adres.