ECLI:NL:RVS:2024:1200
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens interstatelijk vertrouwensbeginsel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 21 maart 2023 besluiten om aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdelingen, inclusief hun minderjarige kinderen, voerden hiertegen beroep aan bij de rechtbank Den Haag, die het beroep op 26 april 2023 ongegrond verklaarde.
De vreemdelingen stelden hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling heeft het hoger beroep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het geen nieuwe rechtsvragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming. De Afdeling verwees naar een eerdere uitspraak waarin het interstatelijk vertrouwensbeginsel met betrekking tot Kroatië was bevestigd.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.