ECLI:NL:RVS:2024:1792
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak bewaring vreemdeling wegens onrechtmatigheid en toekenning schadevergoeding
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 21 maart 2024 in bewaring. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze bewaring ongegrond en wees tevens het verzoek om schadevergoeding af.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank niet kon controleren of op 27 maart 2024 aan de vereisten van paragraaf A3/6.3 van de Vreemdelingenwet- en regelgeving was voldaan, omdat de relevante correspondentie met het Openbaar Ministerie niet in het dossier was opgenomen. Hierdoor was de bewaring vanaf die datum onrechtmatig.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en kende aan de vreemdeling een schadevergoeding toe over de periode van 27 tot en met 29 maart 2024. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling vanaf 27 maart 2024 is onrechtmatig verklaard en er is een schadevergoeding toegekend.