ECLI:NL:RVS:2024:198
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering politieke overtuiging
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 13 mei 2020 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog in haar uitspraak van 23 januari 2024 dat de staatssecretaris onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt hoe het onderzoek en de beoordeling van een politieke overtuiging en de daaruit volgende vrees voor vervolging plaatsvinden, vooral wanneer de vreemdeling deze overtuiging niet in het land van herkomst heeft geuit en nog geen negatieve aandacht heeft gekregen van vervolgingsinstanties.
Hierdoor is toetsing door de bestuursrechter niet effectief mogelijk, wat leidt tot onvoldoende zorgvuldige voorbereiding en motivering van besluiten. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris, en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen rekening houdend met de actuele feiten en omstandigheden. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit.