ECLI:NL:RVS:2024:2162
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep wegens alsnog in behandeling nemen asielaanvraag
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris aanvankelijk niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Na het instellen van het hoger beroep nam de staatssecretaris de asielaanvraag alsnog in behandeling. Hierdoor had de vreemdeling onvoldoende belang bij een inhoudelijke behandeling van het hoger beroep, aangezien het doel van het hoger beroep was bereikt. De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk.
De staatssecretaris werd niet verplicht tot vergoeding van proceskosten, omdat hij niet aan de vreemdeling tegemoet was gekomen maar door tijdsverloop de aanvraag alsnog in behandeling had genomen. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 24 mei 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de asielaanvraag alsnog in behandeling is genomen.