ECLI:NL:RVS:2024:3208
Raad van State
- Hoger beroep
- W. den Ouden
- J.M. Willems
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Intrekking subsidie wegens voortijdige start project zonder stimulerend effect
Aardbei en een samenwerkingspartner vroegen subsidie aan voor een innovatief project en ontvingen deze in maart 2019. Het college trok de subsidie in omdat uit controles bleek dat vóór de aanvraag al een overeenkomst was gesloten en projectactiviteiten waren gestart, wat in strijd is met de subsidieregeling die vereist dat projecten pas na subsidieaanvraag starten.
De rechtbank oordeelde dat de opdrachtbevestiging van december 2017 een bindende overeenkomst vormde en dat het materiaal essentieel was voor het project, waardoor de subsidie terecht werd ingetrokken. Aardbei stelde in hoger beroep dat de overeenkomst pas na de aanvraag bindend werd en dat gedragingen van de partner niet aan haar toegerekend konden worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp deze bezwaren. Zij stelde vast dat de overeenkomst en levering van materialen vóór de subsidieaanvraag plaatsvonden en dat het samenwerkingsverband gezamenlijk verantwoordelijk is. Het intrekken van de subsidie was passend en noodzakelijk om onrechtmatige staatssteun te voorkomen, en de gevolgen waren niet onevenredig.
Uitkomst: De intrekking van de subsidie aan Aardbei wordt bevestigd vanwege het starten van projectactiviteiten vóór de subsidieaanvraag.