ECLI:NL:RVS:2024:3461
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving verwijdering bootlift ondanks medische beperking echtgenote
Het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht heeft verzoeker onder dwangsom gelast de bootlift aan zijn woning te verwijderen omdat deze in strijd is met het bestemmingsplan en zonder vergunning is geplaatst. Verzoeker en zijn echtgenote, die een ernstige medische beperking heeft, gebruiken de bootlift als hulpmiddel bij het instappen in de boot.
De rechtbank heeft het handhavend optreden van het college gegrond verklaard en het beroep van verzoeker ongegrond verklaard. Verzoeker stelde in hoger beroep dat vanwege de medische situatie van zijn echtgenote handhaving onevenredig is.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat medische omstandigheden slechts in zeer uitzonderlijke gevallen leiden tot afzien van handhaving. De bootlift is geen medisch noodzakelijke voorziening en het college heeft voldoende gemotiveerd dat er geen bijzondere omstandigheden zijn om af te zien van handhaving. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.