ECLI:NL:RVS:2024:3721
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
Tijdens de procedure nam de minister op 2 februari 2024 een besluit waarin volledig aan de aanvraag van de vreemdeling werd voldaan. Hierdoor was het doel van het beroep bereikt en had de vreemdeling geen belang meer bij verdere behandeling van het hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de beslistermijn rechtmatig met negen maanden was verlengd en dat de minister binnen de termijn van vijftien maanden een besluit had genomen. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard en hoefde de minister geen proceskosten te vergoeden.
De vreemdeling stemde in met het besluit, waardoor geen beroep van rechtswege is ontstaan. De Afdeling sprak de uitspraak uit in het openbaar op 17 september 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de minister inmiddels een besluit heeft genomen dat tegemoetkomt aan de aanvraag.