ECLI:NL:RVS:2024:3795
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel voor teruggekeerde Syriër
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 5 april 2023 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing op 14 juni 2023 ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het beleid van de minister ten aanzien van teruggekeerde Syriërs, zoals neergelegd in paragraaf C7/33.4.4 van de Vreemdelingenwetgeving 2000, een juiste bewijslastverdeling hanteert bij de beoordeling van het reële risico op ernstige schade. De algemene klacht van de vreemdeling over dit beleid faalt daarom.
Verder leidde het hoger beroep niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank, mede omdat het hogerberoepschrift geen vragen bevatte die voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin van belang zijn. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees de proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.