ECLI:NL:RVS:2024:4148
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schorsing rijbewijs na medisch onderzoek wegens vermoedelijke ongeschiktheid
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde appellant op 4 maart 2021 een medisch onderzoek op en schorste zijn rijbewijs vanwege vermoedens dat hij niet over de vereiste rijgeschiktheid beschikte. Dit besluit was gebaseerd op een proces-verbaal van de politie van 15 december 2020, waarin gevaarlijk rijgedrag en verward gedrag tijdens een staandehouding werden vastgesteld.
Appellant voerde aan dat zijn rijgedrag werd veroorzaakt door het plotselinge verschijnen van een politievoertuig met zwaailicht en sirene, en dat hij slechts een veilige plek zocht om te stoppen. Hij betwistte de juistheid van het proces-verbaal en verwees naar een psychiatrisch rapport en een sepot in een strafzaak om zijn ongeschiktheid te weerleggen.
De rechtbank en de Raad van State oordeelden dat het CBR terecht uitging van de juistheid van het proces-verbaal, aangezien appellant geen concrete aanwijzingen gaf die tot twijfel leidden. Het bestuursrechtelijke vermoeden van ongeschiktheid vereist slechts een vermoeden, los van strafrechtelijke uitkomsten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de schorsing van het rijbewijs bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de schorsing van het rijbewijs bevestigd.