ECLI:NL:RVS:2024:4294
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- J.Th. Drop
- J.C.A. de Poorter
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid bewaring vreemdeling ondanks procedurele tekortkomingen verwijderingsbesluit
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde een vreemdeling van Poolse nationaliteit in bewaring op grond van een verwijderingsbesluit dat volgens de rechtbank niet op de voorgeschreven wijze was uitgereikt. De rechtbank oordeelde daarom dat de maatregel van bewaring onrechtmatig was en kende schadevergoeding toe.
De minister stelde hoger beroep in en voerde aan dat het verwijderingsbesluit rechtsgeldig was uitgereikt, omdat de vreemdeling het besluit persoonlijk had ontvangen en daarvoor had getekend. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de formele vereisten van het uitreiken van het verwijderingsbesluit, zoals het verstrekken van een tolk of brochure in de moedertaal, geen wettelijke voorwaarden zijn voor de werking van het besluit.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank en oordeelde dat de bewaring rechtmatig was, mede omdat de vreemdeling voldoende bekend had moeten zijn met zijn vertrekplicht. Ook faalden de beroepsgronden van de vreemdeling over het ontbreken van een lichter middel en het niet begrijpen van het besluit. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling is rechtmatig verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.