ECLI:NL:RVS:2024:4301
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
Bij besluit van 18 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, die dit beroep op 27 mei 2024 ongegrond verklaarde.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit hoger beroep richtte zich op een rechtsvraag die reeds in een eerdere uitspraak van de Afdeling was beantwoord, namelijk het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Polen.
De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevat die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden. Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.