ECLI:NL:RVS:2024:4350
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel voor teruggekeerde Syriër
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 12 januari 2024 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit op 13 februari 2024 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling verwijst naar een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RVS:2024:3175) waarin het beleid van de minister ten aanzien van teruggekeerde Syriërs als een juiste bewijslastverdeling werd beoordeeld. Klachten over dit beleid worden daarom verworpen. Het hoger beroep bevat verder geen nieuwe vragen die rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming vereisen.
De Afdeling verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De minister is niet verplicht proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel bevestigd.