Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RVS:2024:4561

Raad van State

Datum uitspraak
11 november 2024
Publicatiedatum
12 november 2024
Zaaknummer
202406486/2/V1
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening schorst uitspraak rechtbank over niet tijdig besluit asielaanvragen

De vreemdelingen hadden beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van besluiten op hun aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank Den Haag had de beroepen gegrond verklaard, het niet tijdig nemen van besluiten gelijkgesteld aan besluiten, deze vernietigd en de minister opgedragen binnen strikte termijnen alsnog besluiten te nemen. Tevens werd een dwangsom opgelegd voor het overschrijden van die termijnen.

De minister stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om schorsing van de uitspraak van de rechtbank tijdens het hoger beroep. De voorzieningenrechter heeft dit verzoek toegewezen, mede gelet op de belangen van partijen en de bestaande problemen in de beslispraktijk, zoals ook recent door de Afdeling werd onderkend.

De voorlopige voorziening houdt in dat de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 24 september 2024 wordt geschorst. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Hiermee wordt de uitvoering van de dwangsom en de opgelegde termijnen tijdelijk opgeschort totdat het hoger beroep is beslist.

Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank Den Haag wordt geschorst bij wijze van voorlopige voorziening totdat het hoger beroep is beslist.

Uitspraak

202406486/2/V1.
Datum uitspraak: 11 november 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:
De minister van Asiel en Migratie,
verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 24 september 2024 in zaken nrs. NL24.18651 en NL24.18656 in het geding tussen:
[vreemdeling 1] en [vreemdeling 2]
en
de minister.
Procesverloop
De vreemdelingen hebben beroepen ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op aanvragen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.
Bij uitspraak van 24 september 2024 heeft de rechtbank de beroepen gegrond verklaard, het met besluiten gelijk te stellen niet tijdig nemen van besluiten vernietigd, de minister opgedragen om binnen acht weken na de dag van bekendmaking van de uitspraak de vreemdelingen te horen en binnen acht weken na dat gehoor, in ieder geval binnen zestien weken na de dag van bekendmaking van de uitspraak, besluiten op de aanvragen te nemen en bepaald dat hij aan de vreemdelingen gezamenlijk een dwangsom van € 100,00 moet betalen voor elke dag dat hij die termijnen overschrijdt, tot een maximum van € 7.500,00.
Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.       De minister verzoekt de voorzieningenrechter om hangende het hoger beroep de voorlopige voorziening te treffen dat de uitspraak van de rechtbank wordt geschorst.
2.       Gelet op de belangen die de minister en de vreemdelingen naar voren hebben gebracht en gelet op de huidige problemen in de beslispraktijk (vgl. de uitspraak van de Afdeling van 10 juli 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2829, onder 23) treft de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening.
3.       Het verzoek wordt toegewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
schorst bij wijze van voorlopige voorziening de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 24 september 2024 in zaken nrs. NL24.18651 en NL24.18656.
Aldus vastgesteld door mr. J.C.A. de Poorter, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. R.T. Gazai, griffier.
w.g. De Poorter
voorzieningenrechter
w.g. Gazai
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 november 2024
966