ECLI:NL:RVS:2024:549
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging tijdelijke bescherming vreemdeling op grond van Richtlijn Tijdelijke Bescherming
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft bij besluit van 31 augustus 2023 bepaald dat het recht op tijdelijke bescherming van de vreemdeling eindigt op 4 september 2023, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en het Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382.
De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 4 december 2023 ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de tijdelijke bescherming niet per 4 september 2023 kon eindigen, omdat deze krachtens de Richtlijn Tijdelijke Bescherming geboden is en derhalve moet worden voortgezet tot 4 maart 2024. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, het beroep gegrond verklaard en het besluit van 31 augustus 2023 vernietigd. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de tijdelijke bescherming per 4 september 2023 wordt vernietigd en het hoger beroep gegrond verklaard.