ECLI:NL:RVS:2024:571
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging tijdelijke bescherming vreemdeling op grond van EU-richtlijn
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft bij besluit van 30 augustus 2023 bepaald dat het recht op tijdelijke bescherming van de vreemdeling op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 per 4 september 2023 eindigt.
De rechtbank Den Haag heeft dit besluit in eerste aanleg bevestigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de tijdelijke bescherming krachtens de richtlijn geboden is en niet per 4 september 2023 mag eindigen, maar pas op 4 maart 2024. Het eerdere besluit en de uitspraak van de rechtbank worden daarom vernietigd. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de tijdelijke bescherming per 4 september 2023 wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.