ECLI:NL:RVS:2025:176
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- J.J.W.P. van Gastel
- M. Den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel voor teruggekeerde Syrische vreemdelingen
De zaak betreft het hoger beroep van twee Syrische vreemdelingen, moeder en dochter, tegen de afwijzing van hun aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De vreemdelingen waren eerder in Nederland verbleven en waren daarna teruggekeerd naar Syrië, van waaruit zij in 2022 opnieuw naar Nederland kwamen en een nieuwe asielaanvraag indienden.
De rechtbank had de beroepen ongegrond verklaard, maar de Raad van State oordeelt dat de minister onvoldoende duidelijkheid heeft gegeven over de geloofwaardigheid van verklaringen over het risico op ernstige schade bij terugkeer. Met name is onvoldoende gemotiveerd of de echtgenoot en vader van de vreemdelingen daadwerkelijk een van de gemartelde personen uit de Caesar-documenten is, en is onterecht aangenomen dat er tegenstrijdige verklaringen waren over identiteitscontrole bij uitreis.
De Raad van State vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en de besluiten van de minister, en beveelt een nieuwe, deugdelijke en inzichtelijke beoordeling van het risico, waarbij ook de meerderjarigheid van de dochter en de actuele situatie in Syrië moeten worden betrokken. De minister wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de afwijzing van de verblijfsvergunning en beveelt een nieuwe beoordeling van het risico op ernstige schade.