ECLI:NL:RVS:2025:2309
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- J.M. Willems
- C.H. Bangma
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schuldovername private schuld wegens niet-opeisbaarheid vóór 1 juni 2021
Deze zaak betreft het hoger beroep van een gedupeerde van de toeslagenaffaire tegen het besluit van de minister van Financiën om een private schuld van € 24.537,49 bij Beobank NV/SA niet over te nemen op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht).
De schuld is ontstaan in 2017 en is meerdere keren overgesloten, waarbij betalingsachterstanden zijn opgelopen. De minister heeft geweigerd de schuld over te nemen omdat deze niet opeisbaar was vóór 1 juni 2021, een vereiste volgens artikel 4.1 van de Wht. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd en gewezen op het toetsingsverbod van wetten aan algemene rechtsbeginselen, waardoor het beroep op gelijkheids- en evenredigheidsbeginsel niet slaagt.
De Afdeling bevestigt dat de wetgever bewust heeft gekozen voor een regeling die alleen opeisbare schulden vóór 1 juni 2021 overneemt, en dat de hardheidsclausule slechts in uitzonderlijke schrijnende gevallen kan worden toegepast. Hoewel de appellant medische en financiële problemen aanvoert, is de onderbouwing onvoldoende concreet en volledig om de toepassing van de hardheidsclausule te rechtvaardigen.
De Afdeling besluit het onderzoek te heropenen en geeft de appellant de gelegenheid om binnen acht weken aanvullende gegevens over haar medische en financiële situatie te overleggen, waarna de minister vier weken krijgt om te reageren. De behandeling van het hoger beroep wordt geschorst en verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: De behandeling van het hoger beroep wordt geschorst en de appellant krijgt de gelegenheid haar beroep op de hardheidsclausule nader te onderbouwen.