ECLI:NL:RVS:2025:2740
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- A. ten Veen
- W. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Weigering gemachtigde wegens ernstige bezwaren in bestuursrechtelijke hogerberoepsprocedure
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. Zijn gemachtigde, een professioneel rechtsbijstandverlener, is sinds begin 2024 betrokken bij meerdere procedures bij de Afdeling bestuursrechtspraak, zowel voor zichzelf als als gemachtigde. De Afdeling constateert een verwevenheid tussen zijn persoonlijke belangen en die van zijn cliënten, wat leidt tot ernstige bezwaren tegen zijn optreden.
De Afdeling baseert haar beslissing op feiten zoals het frequente gebruik van wrakingsverzoeken, die vaak als misbruik van recht zijn aangemerkt, en het grensoverschrijdende taalgebruik in brieven en processtukken gericht aan staatsraden, griffiers en andere betrokkenen. Ook het publiceren van geluidsopnamen en foto's met beledigende teksten draagt bij aan het oordeel.
Ondanks waarschuwingen en verzoeken om gedragsaanpassing heeft de gemachtigde zijn werkwijze voortgezet. De Afdeling oordeelt dat deze gedragingen een patroon vormen dat onacceptabel is en de belangen van de cliënten schaadt. Daarom wordt de gemachtigde geweigerd als vertegenwoordiger in deze hogerberoepsprocedure, met de mogelijkheid voor appellant om een andere gemachtigde aan te wijzen.
Uitkomst: De gemachtigde wordt geweigerd wegens ernstige bezwaren en appellant mag een andere gemachtigde aanwijzen.