ECLI:NL:RVS:2024:4595
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- C.H. Bangma
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep tegen weigering als gemachtigde wegens misbruik van recht
De Nationale ombudsman heeft appellant bij besluit van 25 juli 2023 voor zes maanden geweigerd als gemachtigde vanwege ernstige bezwaren, omdat appellant de Wet open overheid (Woo) misbruikte. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit en de verlengingen daarvan.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk, maar de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep alsnog ongegrond. De Afdeling bevestigt dat appellant structureel misbruik van recht maakt door de Woo voor andere doeleinden te gebruiken dan bedoeld, wat ernstige bezwaren oplevert.
Verder oordeelt de Afdeling dat de verlenging van de weigering door de ombudsman terecht was, ondanks het feit dat appellant enige tijd geen Woo-verzoeken had ingediend. Het beroep tegen de laatste verlenging wordt verwezen naar de ombudsman voor behandeling als bezwaar. De Afdeling gelast tevens vergoeding van het betaalde griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van de Nationale ombudsman om appellant als gemachtigde te weigeren wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.