ECLI:NL:RVS:2025:3001
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wob-verzoek en toekenning schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Op 2 mei 2018 verzocht appellant het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen om informatie over uitzonderingsregels voor bussen op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het college verklaarde het bezwaar tegen het uitblijven van een besluit niet-ontvankelijk wegens vermeend ontbreken van procesbelang. De rechtbank vernietigde dit besluit en beval het college binnen vier weken een nieuw besluit te nemen.
Het college nam op 27 juli 2023 een nieuw besluit waarin het Wob-verzoek werd afgewezen. Appellant stelde hoger beroep in tegen de rechtbankuitspraak, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde dit hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het college reeds een nieuw besluit had genomen. Tevens werd het beroep ongegrond verklaard omdat de gevraagde informatie reeds openbaar was.
Appellant klaagde over de lange duur van de procedure. De Afdeling oordeelde dat de redelijke termijn van vier jaar was overschreden met bijna drie jaar en kende een forfaitaire schadevergoeding van €3.000 toe, waarvan €2.500 ten laste van het college en €500 ten laste van de Staat. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard, het beroep ongegrond, en een schadevergoeding van €3.000 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn.