ECLI:NL:RVS:2025:3428
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Gundelach
- Rechtspraak.nl
Afwijzing handhavingsverzoek tegen ijssalon wegens geluidsoverlast en beoordeling evenredigheid
Appellant diende een handhavingsverzoek in tegen ijssalon Bitterkoud wegens geluidsoverlast van een tijdelijk parkeerplaatsterras. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag wees het verzoek op 18 mei 2022 af, stellende dat de ijssalon een type A-inrichting was volgens het Activiteitenbesluit. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens onvoldoende motivering en beval een nieuw besluit.
Het college herzag haar standpunt en kwalificeerde de ijssalon als type B-inrichting, erkende het ontbreken van een melding, maar besloot niet handhavend op te treden en eerst een waarschuwingsbrief te sturen. Appellant trok het hoger beroep in, maar het van rechtswege ontstane beroep tegen het nieuwe besluit bleef aanhangig.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht afzag van handhaving omdat het algemeen belang met handhaving niet zwaarder woog dan de omstandigheden, mede vanwege eerdere communicatie aan exploitant dat geen melding nodig was en het ontbreken van milieuschade. Het beroep werd ongegrond verklaard en kosten werden niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van het college om niet handhavend op te treden is ongegrond verklaard.