ECLI:NL:RVS:2025:351
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel voor Afghaanse vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 21 juni 2023 de aanvraag van een Afghaanse vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling, die in Iran is opgegroeid en sinds 2016 in Europa verblijft, stelde dat hij niet naar Afghanistan kon terugkeren vanwege zijn Hazara-afkomst, afvalligheid en verwestering.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen. De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat op basis van recente jurisprudentie geen nader onderzoek nodig is naar de risico’s voor Afghaanse vreemdelingen die uit het Westen terugkeren, omdat zij niet als risicogroep worden beschouwd. Het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling waarbij de rechtbank rekening moet houden met het oordeel van de Afdeling en zich moet uitlaten over de specifieke beroepsgronden van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling.