ECLI:NL:RVS:2025:3719
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over bewaring vreemdeling wegens uitzicht op uitzetting
De minister van Asiel en Migratie stelde betrokkene op 13 september 2024 in bewaring. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en beval opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel, met toekenning van schadevergoeding. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat het oordeel van de rechtbank dat er geen uitzicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Libië zou zijn, onjuist is. De Afdeling verwijst naar een eerdere uitspraak waarin dit aspect is toegelicht en vernietigt het vonnis van de rechtbank. De Afdeling beoordeelt vervolgens de overige beroepsgronden die nog niet door de rechtbank waren behandeld.
Betrokkene voerde aan dat de ophouding op een verkeerde grondslag plaatsvond omdat zijn identiteit al bekend was uit strafrechtelijke en asielprocedures. De Afdeling stelt dat de minister terecht uitging van de strafrechtelijke gegevens en dat het vanwege de korte periode niet redelijk was het volledige asieldossier te raadplegen voorafgaand aan de ophouding.
Verder stelde betrokkene dat de minister onterecht zware gronden 3a en 3d aan de maatregel ten grondslag legde, maar de Afdeling stelt dat de niet betwiste zware gronden 3b en 3c voldoende zijn voor de maatregel. Ook het beroep dat vanwege de kwetsbare medische gesteldheid een lichter middel had moeten worden toegepast, faalt omdat de medische zorg in detentie gelijkwaardig is en betrokkene geen bijzondere omstandigheden aannemelijk maakte.
De Afdeling ziet ook ambtshalve geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten, verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van betrokkene ongegrond verklaard.