ECLI:NL:RVS:2025:4042
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens alsnog in behandeling nemen asielaanvraag
Appellant had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister van Asiel en Migratie op 4 oktober 2024 niet in behandeling werd genomen. Hiertegen stelde appellant beroep in bij de rechtbank, die dit beroep op 6 december 2024 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde appellant hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Na het instellen van het hoger beroep heeft de minister alsnog de asielaanvraag van appellant in behandeling genomen. Hierdoor heeft appellant feitelijk bereikt wat hij met het hoger beroep beoogde, waardoor het hoger beroep niet ontvankelijk is verklaard. De Afdeling overweegt dat er geen proceskostenvergoeding aan appellant toekomt omdat de minister niet aan hem is tegemoetgekomen maar door tijdsverloop de aanvraag alsnog heeft behandeld.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 25 augustus 2025, waarbij mr. H.G. Sevenster als lid van de kamer het vonnis heeft gewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de minister de asielaanvraag alsnog in behandeling heeft genomen.