ECLI:NL:RVS:2025:4529
Raad van State
- Hoger beroep
- M.M. Kaajan
- J. Gundelach
- J.J.W.P. van Gastel
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing natuurvergunning uitbreiding biomassa-installatie SABIC
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 18 mei 2022 een natuurvergunning aan SABIC voor de uitbreiding van een industrieel bedrijf met een houtgestookte biomassa-installatie (bmi) en een heet olie-fornuis ter vervanging van de Cogen2-installatie. Stichting Brabantse Milieufederatie (BMF) en Coöperatie Mobilisation for the Environment (MOB) voerden beroep aan tegen dit besluit. De rechtbank oordeelde dat de bmi geen onderdeel uitmaakt van het project SABIC en vernietigde het besluit.
In hoger beroep stelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vast dat de bmi en andere bedrijfsactiviteiten van SABIC wel als één project moeten worden beschouwd, gelet op de functionele en organisatorische samenhang en het feit dat de bmi de Cogen2-installatie vervangt. De Afdeling oordeelde dat het college ten onrechte het gebruik van schone biomassa niet had geborgd in de vergunning en dat de beoordeling van significante gevolgen niet op de juiste wijze was uitgevoerd, mede vanwege gewijzigde jurisprudentie over intern salderen.
Verder werd geoordeeld dat de referentiesituatie ontleend mag worden aan de onherroepelijke natuurvergunning uit 2016, ondanks een vermeende evidente fout. De overgangssituatie tussen de oude en nieuwe installaties was onvoldoende geregeld. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de totale procedure binnen vier jaar bleef. De Afdeling bevestigde het vernietigende vonnis van de rechtbank en bepaalde dat tegen het nieuwe besluit alleen bij haar beroep kan worden ingesteld.
Uitkomst: De natuurvergunning wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen waarbij de biomassa-installatie als onderdeel van het project SABIC wordt beschouwd.