ECLI:NL:RVS:2025:4922
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- B.P. Vermeulen
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering VOG wegens onvoldoende motivering en onjuiste gegevensbeoordeling
Appellant verzocht op 14 juni 2021 om een verklaring omtrent het gedrag (VOG) voor zijn functie als voorzitter van een stichting met het oog op een ANBI-status. De minister weigerde de aanvraag op basis van beleidsregels en justitiële gegevens, waaronder een strafbeschikking en een lopende strafzaak. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant onder meer dat de rechtbankuitspraak niet rechtsgeldig was ondertekend en dat andere actiegroepen wel een ANBI-status kregen, wat volgens hem strijdig was met het gelijkheidsbeginsel.
De Afdeling verwierp deze bezwaren en oordeelde dat de minister onterecht de strafzaak over opruiing en de ingetrokken strafbeschikking bij de beoordeling had betrokken, omdat appellant inmiddels was vrijgesproken en de strafbeschikking was ingetrokken. De minister had onvoldoende gemotiveerd waarom deze gegevens toch relevant zouden zijn. Hierdoor ontbrak een deugdelijke motivering. De Afdeling vernietigde het bestreden besluit en droeg de minister op binnen twaalf weken een nieuw besluit te nemen, waarbij alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is.
Daarnaast veroordeelde de Afdeling de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Hiermee is de weigering van de VOG onterecht bevonden en wordt appellant in het gelijk gesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de VOG wordt vernietigd met opdracht tot nieuw besluit binnen twaalf weken.