ECLI:NL:RVS:2026:1227
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- A.B. Blomberg
- J.A.R. van Eijsden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder bestuursdwang voor ligplaats zonder geldig binnenhavengeldvignet in Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde op 20 april 2021 een last onder bestuursdwang op aan appellant vanwege het afmeren van een vaartuig zonder geldig binnenhavengeldvignet bij de Rieteilanden in IJburg. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit, maar zowel het college als de rechtbank verklaarden deze ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het water rondom zijn steiger geen openbaar water is en dat hij een exclusief recht heeft op het gebruik ervan, waardoor hij niet vignetplichtig zou zijn. Tevens stelde hij dat het opleggen van de last onder bestuursdwang in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel en dat het college in strijd met het gelijkheidsbeginsel handelde door alleen tegen hem op te treden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het water rondom de steiger wel degelijk openbaar water is binnen de gemeente Amsterdam en dat appellant geen exclusief recht heeft op het water. De Afdeling verwierp ook de overige bezwaren, waaronder het beroep op het rechtszekerheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn in de procedure met negen maanden was overschreden, waarvoor een schadevergoeding van € 1.000 werd toegekend, te betalen door de Staat der Nederlanden. De Afdeling veroordeelde de Staat tot betaling van deze vergoeding aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder bestuursdwang bevestigd.