ECLI:NL:RVS:2026:2067
Raad van State
- Hoger beroep
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Herziening woningsluitingsbesluit wegens disproportionele duur bij drugsvondst
De burgemeester van Heerlen sloot op 4 augustus 2022 de woning van appellant voor twaalf maanden na een politieonderzoek waarbij hard- en softdrugs werden aangetroffen. De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant tegen deze sluiting ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat de sluiting een geschikt middel was, maar dat de duur van twaalf maanden niet noodzakelijk was. De Afdeling stelde dat de burgemeester onvoldoende had gemotiveerd waarom een sluiting van twaalf maanden passend was, mede omdat er geen aanwijzingen waren voor professionele productie, wapens of grote geldbedragen, en de woning niet bekend stond als drugspand met overlast.
De Afdeling vernietigde het besluit tot twaalf maanden sluiting en beperkte de sluiting tot zes maanden, wat zij evenwichtig achtte. Tevens werd de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de proceskosten aan de burgemeester opgelegd.
Uitkomst: De sluiting van de woning wordt beperkt tot zes maanden wegens disproportionaliteit van de oorspronkelijke twaalf maanden.